Vruchtwisseling en bouwplan (of teeltplan)

Proeftekeningen vruchtwisseling, bouwplan, teeltplan

Een paar van mijn proeftekeningen

 

 

Een van de eerste dingen die je leert als moestuinder is dat je rekening moet houden met de vruchtwisseling. Dat het belangrijk is om bij te houden wat je in welk jaar op welke plek plant. Dat kan met een bouwplan of een teeltplan. En laat ik dat nu een van  leukste dingen in de voorbereiding vinden;  het ‘tekenen’ van een bouwplan of teeltplan.

Bouwplan of teeltplan

En met de nieuwe moestuin in 2017 kan ik weer lekker opnieuw beginnen. We hebben dan ook de hele inrichting met compostbak, paden, picknicktafel etcetera opnieuw bedacht. Ik heb flink zitten tekenen 🙂 Wat gaan we waar neerzetten, hierbij natuurlijk proberen rekening te houden met de vruchtwisseling. Dat betekent dus niet 2 jaar achter elkaar dezelfde familie op dezelfde plek.

Maar dan de praktijk ……….. gaat het werken? Ik weet het nog niet. Zodra iets gezaaid of geplant is, dan ga ik het intekenen in ons definitieve bouwplan, zodat ik daar het volgende jaar rekening mee kan houden.

Vruchtwisseling

Wat is dat eigenlijk? Simpel gezegd; het op een perceel na elkaar telen van verschillende gewassen om bodemziekten te voorkomen en het in stand houden van de vruchtbaarheid en de bodemstructuur. Veel gewassen hebben last van bodemziekten, die veroorzaakt worden door aaltjes, schimmels en insecten. En het ene gewas is een betere voorvrucht dan het andere, omdat bepaalde stoffen in de grond achterblijven of minder worden gebruikt.

Gewassen worden daarom in groepen ingedeeld en in een groep zitten de gewassen die vatbaar zijn voor dezelfde ziekten. Zo laten vlinderbloemigen bijvoorbeeld stikstof in de bodem achter. Diepwortelende gewassen verbeteren de bodemstructuur en gewassen die snel de grond bedekken werken onkruidonderdrukkend.

Je kan de groenten op verschillende manieren indelen. Er zijn 5 groepen te onderscheiden die op dezelfde manier behandeld worden qua grondbewerking en dezelfde soort en hoeveelheid mest nodig hebben. Elk jaar staan deze groepen op een ander perceel in de moestuin. De vijf groepen moeten dan weer in een bepaalde volgorde op elkaar volgen want sommige groenten laten een goede bodemstructuur na en andere niet. De planten die makkelijk door onkruid overmand worden worden afgewisseld met planten die goed het onkruid onderdrukken. Groenten die veel stikstof nodig hebben volgen op groenten die veel stikstof afscheiden. Enzovoort 🙂 Dit is de indeling die wij gebruiken.

Groepen groenten

  1. Wortelgewassen
  2. Peulvruchten
  3. Koolgewassen
  4. Vruchtgewassen
  5. Bladgewassen

Naast deze indeling kan je de groenten ook op familie indelen:

  • Kruisbloemigen (bloemkool, boerenkool, broccoli, radijs, raapstelen, koolraap enz.)
  • Vlinderbloemigen (erwt, boon, tuinboon)
  • Schermbloemigen (wortel, selderij)
  • Amarantenfamilie (rode biet, spinazie, snijbiet)
  • Samengesteldbloemigen (sla, andijvie, witlof)
  • Uienfamilie (ui, prei, knoflook, sjalot, bieslook)
  • Nachtschadefamilie (aardappel, tomaat, paprika, aubergine)
  • Komkommerfamilie (komkommer, courgette, augurk, pompoen, meloen)

In ons overzicht ontbreken de aardappels en de tomaten, uit de nachtschadefamilie. Deze nemen wij wel mee in onze teelt. Bij ons op het moestuincomplex wordt ook jaarlijks aangegeven waar deze geplaatst mogen worden. Dit in verband met de vruchtwisseling.

En in de rangschikking per familie hoort de prei bij de uienfamilie, maar als je hem indeelt naar gewas hoort hij bij de bladgewassen. Hij heeft ook meer bemesting nodig dan de ui. Maar wij zetten de prei bij de wortelgewassen omdat ze daar wel familie van zijn. En je wilt ook geen 2 jaar achter elkaar dezelfde familie op dezelfde plek.

Het is dus best lastig

………….. Er zijn gewassen die bij de ene indeling tot een andere groep behoren dan bij een andere indeling. Wij maken met deze achtergrond onze eigen indeling en moeten ervaren of dat werkt. We hebben 6 vakken voor de wisseling waarvan er jaarlijks 1 gebruikt wordt voor de aardappels. Daarnaast hebben we een vak waar nu onder andere de aardbeien en de rabarbers staan, deze staan langer dan een jaar.  En omdat we nu al weten dat we voor de peulgewassen 2 vakken nodig hebben, zal de indeling volgend jaar waarschijnlijk 2 vakken opschuiven. Maar je hebt ook nog een voorkeur voor welke groep na een eerdere groep moet komen.

Volgorde vruchtwisseling

Aardappels -> Wortelgewassen -> Vruchtgewassen -> Bladgewassen -> Koolgewassen -> Peulgewassen

En als je naar ons ‘bouwplan 2017‘  kijkt, dan zie je dat we dus al de mist in zijn gegaan. Met al mijn gelees en geteken in de voorbereiding, heb ik geen rekening gehouden met de volgorde. Misschien kunnen we volgend jaar wat schuiven zodat het de volgende jaren wel goed loopt. Maar ook hierbij geldt; het is lastig. Wij zijn gebonden aan een bepaalde 1/3 van de tuin voor de aardappels, dat betekent voor ons 2 vakken opschuiven. Nu hebben we dit jaar ook 2 vakken peulvruchten en moeten die ook 2 vakken opschuiven, maar de rest heeft maar 1 vak. Nou ja, eerst dit jaar maar zien en dan hebben we in de winter wat te plannen voor volgend jaar 🙂

 

To Top